Cluster C

De persoonlijkheidsstoornissen die vallen onder cluster C hebben vaak kenmerken die worden omschreven als angstig, gespannen en grote mate van controle. 
Tot dit cluster behoren 3 typen: de afhankelijke, vermijdende en dwangmatige (obsessief-compulsieve) persoonlijkheidsstoornis.


Symptomen cluster C persoonlijkheidsstoornissen

Tot het cluster C behoren de vermijdende, afhankelijke en dwangmatige (obsessief-compulsieve) persoonlijkheidsstoornis. 

Vermijdende persoonlijkheidsstoornis

Mensen met een vermijdende persoonlijkheidsstoornis gaan sociale contacten uit de weg uit angst voor afwijzing. Wel hebben ze behoefte aan sociaal contact, maar zijn bang vernederd te worden. Hierdoor maken ze een geremde indruk. Daarnaast kunnen ze zich schamen voor tekortkomingen en zijn ze bang voor kritiek, waardoor ze activiteiten uit de weg gaan. De stoornis uit zich voor het eerst meestal in de jonge volwassenheid. Dit komt voor bij ongeveer 2.4 % van de algemene populatie.

Afhankelijke persoonlijkheidsstoornis

Een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis wordt gekenmerkt door een gevoel van hulpeloosheid en een laag gevoel van eigenwaarde. Iemand denkt dat hij/zij niet alleen kan en heeft weinig vertrouwen in eigen kunnen. Hij/zij heeft veel geruststelling nodig van anderen en vraagt snel om hulp. Men vertoont een overmatige afhankelijkheid van anderen en probeert anderen het naar hun zin te maken. Ruzies gaan ze uit de weg, dit zou de kans op verlating namelijk kunnen vergroten. De eigen behoeftes worden vaak weggecijferd en iemand zal altijd aardig en lief zijn. Dit levert veel stress en angst op. 
0,49 - 1,7 % van de algemene populatie heeft een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis, waarvan meer vrouwen dan mannen. 
Hoe een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis ontstaat is niet helemaal duidelijk, wel gaat het om een mix van genetische- en omgevingsfactoren. Er zijn aanwijzingen dat een lagere intelligentie en vertraging in ontwikkeling te maken heeft met het ontwikkelen van afhankelijke persoonlijkheidsstoornis. Ook het opgroeien in een beschermend gezin en het hebben van negatieve ervaringen in de kindertijd lijken een verband te hebben met de afhankelijke persoonlijkheidsstoornis.

Dwangmatige persoonlijkheidsstoornis

Mensen die deze stoornis hebben zijn erg perfectionistisch en orderlijk ingesteld. Ze zijn weinig flexibel en niet geneigd tot zelfkritiek, iets is goed of fout. Daarnaast zijn ze erg bezig met details, lijstjes, regels en ordening. Hierdoor is vaak het afmaken van een taak moeilijk, omdat het niet aan de eigen gestelde eisen kan voldoen. Van de algemene populatie heeft 2,1 % een dwangmatige persoonlijkheidsstoornis. 
Een oorzaak van een dwangmatige persoonlijkheidsstoornis kan een kille en strenge opvoeding zijn in een omgeving waar de nadruk ligt op schuld, verantwoordelijkheid en prestatie. 

Publicaties

Meer relevante literatuur

  • Skodol, AE ea. (2005). Stability of functional impairment in patients with schizotypal, borderline, avoidant, or obsessive–compulsive personality disorder over two years. Psychological Medicine, 35,3, 443-451.
  • Reus, R de, & Emmelkamp, PMG (2012). Obsessive–compulsive personality disorder: A review of current empirical findings. Personality and Mental Health, 6, 1–21.
  • Eikenaes, I, Hummelen, B, Abrahamsen, G, Andrea, H, Wilberg, T (2013). Personality functioning in patients with avoidant personality disorder and social phobia. Journal of Personality Disorders, 27, 109.
  • Denys, DAJP (2007). Handboek Obsessieve-compulsieve stoornissen. Uitgeverij de Tijdstroom 
  • Skewes, SA, Samson, RA, Simpson, SG, & Vreeswijk, M van (2015). Short-term group schema therapy for mixed personality disorders: a pilot study. Frontiers in Psychology, 5, 1-9.
  • Strauss, JL et al. (2006). Early Alliance, Alliance Ruptures, and Symptom Change in a Nonrandomized Trial of Cognitive Therapy for Avoidant and Obsessive–Compulsive Personality Disorders. Journal of Consulting and Clinical Psychology, 74, 2, 337-345.